Op de koffie bij... crisiscommunicatie-expert Noud Bex
Op de koffie bij... crisiscommunicatie-expert Noud Bex
Team Coosto
Last update:
29/8/2025
Inhoudsopgave
In zijn ruim 30 jaar bij Bex*communicatie heeft Noud Bex talloze organisaties in binnen- en buitenland geholpen bij hun crisiscommunicatie. Van banken tot voedingsproducenten en van ziekenhuizen tot grote multinationals. Bex* maakt inmiddels zo’n 80 crises per jaar mee, en daar komen trainingen, crisismanagementplannen en analyses nog eens bovenop. Is een crisis voor Noud Bex gesneden koek? “Ervaring of niet, ik leer nog iedere dag”, verzekert hij.
30 jaar in het vak, dat is nogal wat. Is er veel veranderd in die tijd?
“Ja, dat kun je wel stellen. Vooral in positieve zin, trouwens. Wat ik bijvoorbeeld mooi vind om te zien, is de sterke groei van het crisisbewustzijn bij managers en CEO’s. Vroeger kwam ik weleens directeuren tegen die crisiscommunicatie overbodig of overdreven vonden. Maar met een samenleving die steeds transparanter wordt, zijn organisaties steeds kwetsbaarder geworden. En dat realiseren de managers van nu zich maar al te goed. Een productiefout kan én wil je niet meer onder de pet houden, interne issues liggen in no-time op straat. Mensen zien in dat de risico’s enorm zijn als het een keer fout gaat. En geen enkele organisatie is perfect. Dus dát er vroeg of laat iets fout gaat, staat eigenlijk wel vast.”
Hoe groot is de rol van social media in die ontwikkeling geweest?
“Ze hebben die ontwikkeling wel versterkt, denk ik. Social media hebben de grenzen tussen ‘intern’ en ‘extern’ verder doen vervagen. Medewerkers staan continu in contact met mensen buiten de organisatie, dus regie voeren over alle communicatie is een illusie. Een interne kwestie of grote fout blijft heus niet binnenskamers, en organisaties beseffen daardoor steeds vaker dat ze de verantwoordelijkheid hebben om de situatie serieus te nemen. Ze realiseren zich dat een crisis op de loer ligt en dat je er daarom maar beter open en eerlijk over kunt zijn. En ook bij de externe doelgroepen gaat het ‘los ‘bij een crisis. Mensen weten elkaar snel te bereiken.”
Zie je vanwege die toenemende transparantie ook meer crises dan vroeger?
“Nee, dat geloof ik niet. Er zijn zeker trends te zien, bepaalde ontwikkelingen die op dat moment veel stof doen opwaaien. Zo zie je nu bij bedrijven veel kwesties rond cybercrime ontstaan. Maar zo is er altijd wel iets. Ik denk dat de roep om transparantie vooral de manier waarop organisaties moeten omgaan met crises radicaal heeft veranderd.”
Zijn social media wat dat betreft een vloek of een zegen voor crisiscommunicatie?
“Een beetje van beide. Aan de ene kant kunnen social media een crisis veroorzaken, verergeren en versnellen. Bijna elke dag is er wel een organisatie die in verlegenheid wordt gebracht door video’s of foto’s die in rap tempo op social media circuleren. Waar ik vroeger nadat ik werd opgepiept rustig een uur de tijd kon nemen om een crisisaanpak te bedenken, zijn er tegenwoordig in die tijd al minstens honderd tweets verschenen. Crises zijn daardoor echt een stuk minder beheersbaar geworden.
Aan de andere kant bieden social media ook voordelen. De openheid werkt namelijk twee kanten op. Zo hebben social media het gesprek bij het koffiezetapparaat (geruchten, vraagtekens en meningen) in- en extern inzichtelijk gemaakt. Daardoor is het voor organisaties nu een stuk gemakkelijker om tijdens crises te toetsen of hun communicatieaanpak gewerkt heeft.”
Als social media een crisis kunnen veroorzaken, kunnen ze een crisis dan ook voorkómen?
“Voor die vraag moet ik eerst even een stapje terug. Want wanneer spreken we nu precies van een crisis? Wij maken daarvoor gebruik van de zogenaamde stoplichtmethode. Als we nu als voorbeeld een zorginstelling nemen. Een steekpartij waarbij een cliënt een medewerker verwondt, is een duidelijk voorbeeld van code rood: crisis. Geen twijfel mogelijk, een crisis is niet meer af te wenden. Als een vader van een cliënt klaagt over eentonige werkzaamheden op de dagbesteding, dan is dat een code groen: geen crisis. Je kunt die klacht gewoon afhandelen binnen de reguliere procedures.
De gevaarlijkste incidenten zijn echter de ‘codes oranje’. Een code oranje kan bijvoorbeeld een ouder zijn die beweert dat zijn zoon in de zorginstelling te maken heeft met ongewenste intimiteiten, en dreigt daarmee naar tv-programma’s te stappen. Een code oranje is nóg geen crisis, maar kan wel uitgroeien tot die proporties. Dit zijn de gevallen waarin een communicatieadviseur, met een instrument als social media monitoring op zak, het verschil kan maken. Als je dit soort berichten snel weet op te pakken en de klacht direct serieus neemt, kan onnodige escalatie worden voorkomen.”
Is social media monitoring wat dat betreft dé sleutel?
“Social media monitoring is wat mij betreft onmisbaar. Wij kunnen echt niet zonder een tool als Coosto tijdens een crisis en we zien dat steeds meer organisaties zelf ook zo’n tool in huis hebben. Maar daar stopt het niet. Monitoring is pas waterdicht als social media onderdeel zijn van een nog veel grotere ‘radar’ die organisaties hebben om informatie binnen te halen. Want een signaal kan ook op andere bronnen dan social media voorbijkomen. Soms wordt een organisatie voor het eerst geattendeerd op een potentiële crisis via de telefonische klantenservice, soms door middel van een artikel in een lokaal weekblad. Het belangrijkste is dat je naar deze kanalen luistert. Dat je signalen serieus neemt. Dat je crisisteam zicht heeft op het totaal aan informatiestromen van een organisatie. Je kunt daarbij alle ‘antennes’ in je organisatie gebruiken. Het crisisbewustzijn van een organisatie is daarin zoals gezegd heel belangrijk.”
En wat nu als je communicatieadviseur bent in een kleine organisatie waar die signaalfunctie bij de meeste medewerkers nog ontbreekt?
“Laat ik vooropstellen dat het een misvatting is dat grote organisaties het altijd beter voor elkaar hebben dan kleine. Ik kom ook bij kleinere organisaties waar men echt doordrongen is van de impact van een crisis. De voorbereiding op een crisis is daar prima in orde, met crisismanagementplannen, scenario’s en checklists. Ik denk dat het belangrijkste is dat je een directie hebt met – daar is hij weer: crisisbewustzijn. En dat is misschien een beetje een kwestie van geluk. Maar je hebt daar zelf ook een rol in. Jij bent tenslotte communicatieadviseur. Schets realistische crisisscenario’s en de impact ervan voor de organisatie. Zelfs de meest sceptische directie is daar normaal gesproken wel vatbaar voor.”
Zijn social media tijdens crises een geschikt communicatiekanaal?
“Als ik hier één tip mag geven: ga niet de dialoog aan tijdens een crisis. Er zijn zo ontzettend veel mensen die op social media een mening over je hebben, dat je simpelweg de tijd, capaciteit en prioriteit niet hebt om tijdens een crisis op iedereen te reageren. Bovendien verzand je vaak in eindeloze discussies die niets opleveren. Wat je beter kunt doen, is luisteren naar de vragen en meningen die men online over je heeft, en ze verwerken in een algemene Q&A of een statement op je website. Je gebruikt social media vervolgens wel om die webpagina breed te verspreiden. Voor luisteren en zenden zijn social media zeer geschikt tijdens een crisis, voor een dialoog absoluut niet.”
Hoe bepaal je dan wat je boodschap in zo’n statement zou moeten zijn?
“Wij werken daarvoor onder andere met een kwadrantenmodel, gebaseerd op twee belangrijke vragen: 1. Erken je je verantwoordelijkheid voor de crisis (en de gevolgen) of niet? 2. Kies je voor een assertieve of receptieve ('ingetogen') houding? Zo ontstaan vier mogelijke strategieën, die grofweg aangeven wat je insteekgaat zijn tijdens de crisis. Er is ook nog een vijfde strategie, die niet gerelateerd is aan deze vragen: het externaliseren van het probleem. De zesde strategie, ‘mist-strategie’, houdt eigenlijk een gebrek aan strategie in en is niet aan te bevelen.
En toch, alle modellen, strategieën en adviezen ten spijt… vlieguren zijn écht de belangrijkste bagage die een communicatieadviseur maar kan hebben. Om een situatie goed in te kunnen schatten, werkt niets zo goed als ervaring, de situatie al een keer hebben meegemaakt.”
Zijn communicatieadviseurs zonder ervaring dan bij voorbaat kansloos in een crisis?
“Nee hoor, zeker niet. Ervaring helpt, absoluut. Maar een crisis hoeft jou niet per se zelf te overkomen om ervan te leren. Kijk bijvoorbeeld eens bij de buren, een crisis die een concurrent overkomt. Welke lessen kun je daaruit trekken? Wat zou je anders doen? Dat zijn heel leerzame cases. De aandacht voor crisiscommunicatie in communicatieopleidingen is in Nederland nog steeds te beperkt, maar door goed om je heen te kijken kun je zonder schade en schande toch wijs worden. Wij proberen daar bij Bex* ook ons steentje aan bij te dragen, door crisissimulaties, masterclasses en oefeningen aan te bieden.”
Wat is voor jou de belangrijkste les van de afgelopen jaren geweest?
“Het belangrijkste dat ik in de afgelopen 5 jaar heb geleerd, is het belang van emotie. We gingen er in ons vakgebied vroeger vaak van uit dat crisiscommunicatie betekende dat je het bij de feiten moest houden. Er was weinig ruimte voor empathie, om de kans op een verkeerde interpretatie van de boodschap zo klein mogelijk te maken. Maar die ballon gaat tegenwoordig niet meer op. Empathie staat juist aan de basis van crisiscommunicatie. Bij een crisis zijn er altijd mensen die worden geraakt, en zij verdienen (h)erkenning van hun emoties. Elke crisiscommunicatieboodschap zou daarom moeten beginnen met oprechte(!) aandacht en empathie.”
Welke ontwikkeling in crises of crisiscommunicatie verwacht je in de komende jaren?
“De trend van verregaande transparantie zal nog verder doorzetten. Ik denk bijvoorbeeld aan de invloed van onderzoeksjournalisten, klokkenluiders en burgerjournalisten als het gaat om het ontdekken en aan de kaak stellen van misstanden. Daarnaast zie ik in Nederland een uit de Verenigde Staten overgewaaide ‘claimcultuur’ ontstaan. Gedupeerden proberen steeds vaker schadevergoedingen los te weken, en organisaties worden daardoor voorzichtiger in wat ze wel en niet communiceren. Zo zijn er altijd wel nieuwe ontwikkelingen om in de gaten te houden. Ze houden ons vak interessant, fris en spannend. Ook na 30 jaar nog.”
Online debat over schoolveiligheid: woede sterk aanwezig
Woede is in 63% van de gevallen hoog van intensiteit; 14.362 reacties in drie maanden
Eindhoven, 4 maart 2026: Het aantal geweldsincidenten in het onderwijs nam afgelopen schooljaar opnieuw toe. Tegen deze achtergrond analyseerde Coosto het publieke online debat over veiligheidsrisico’s in het onderwijs, waaronder geweld, intimidatie, (online) pesten, discriminatie en seksuele grensoverschrijding. In de periode van 11 november tot en met 11 februari werden 17.014 publieke online berichten geanalyseerd: 2.652 posts met 14.362 reacties. Het totale geschatte bereik in deze periode bedraagt 24.582.926 weergaven. De analyse toont een fundamentele verharding van het debat; hoewel bezorgdheid in volume domineert, is de emotionele intensiteit van de woede-berichten opvallend hoog.
Bezorgdheid voert de boventoon, intensiteit van woede valt op
In de emotieverdeling komt bezorgdheid het vaakst voor (24,84%), gevolgd door frustratie (12,45%). In het debat komt ook woede nadrukkelijk terug (7,30%).
Naast de verdeling is gekeken naar intensiteit (laag, gemiddeld, hoog). Daarbij valt op dat woede relatief vaak als hoog is geclassificeerd (63,2% van de woede-berichten). Ook bij bezorgdheid en frustratie komen regelmatig berichten met hoge intensiteit voor.
Van incident naar oordeel
De data laat zien hoe snel dit onderwerp kan verschuiven van incident naar oordeel. Met 14.362 reacties op 2.652 posts ontstaat een debat waarin interpretaties en verwijten zich snel verspreiden. Dat maakt onderwijsveiligheid reputatiegevoelig: incidenten kunnen in korte tijd doorwerken in het vertrouwen in scholen en besturen.
Toine Verheul, CEO van Coosto: “Met 14.362 reacties op 2.652 posts ontstaat snel beeldvorming over schoolveiligheid. Als woede daarbij hoog-intens is (63,2%), verhardt de toon en kan dat doorwerken in het vertrouwen in scholen en besturen.”
Nieuws als aanjager, social versterkt
Meer dan de helft van de berichten in de dataset is afkomstig uit nieuwsmedia (53,4%). Daarna volgen Facebook (18,6%), blogs (9,4%) en Instagram (8,3%). Dit wijst op een patroon waarin nieuwsaanleidingen het onderwerp op de agenda zetten, waarna het debat doorloopt op social media en in reacties.
Piekmomenten: van geweldsvideo’s tot Paarse vrijdag
In de periode zijn meerdere pieken zichtbaar waarin emoties en interactie toenemen, gekoppeld aan nieuwsaanleidingen:
22 januari, piek in frustratie: rond berichtgeving over geweldsvideo’s die op middelbare scholen zouden circuleren. Dit onderwerp leidde tot meer dan 3.000 reacties.
22 januari, piek in bezorgdheid: rond berichtgeving over digitale dreiging, waarbij scholen tijdelijk zouden moeten sluiten.
9 december, piek in bezorgdheid: rond berichtgeving over gelijke behandeling op school.
12 december, piek in trots: rond Paarse Vrijdag, met uitingen van steun voor acceptatie en een veilige schoolomgeving.
Onderzoeksmethode
Coosto analyseerde 17.014 publieke online berichten over veiligheidsrisico’s in het onderwijs in de periode 11 november t/m 11 februari. Emoties en intensiteit zijn geclassificeerd met EmotionAI, een AI-gebaseerde methode voor emotieclassificatie die berichten indeelt in meerdere emotiecategorieën en intensiteitsniveaus (laag, gemiddeld, hoog). Resultaten worden uitsluitend op geaggregeerd niveau gerapporteerd.
Online reputatiemanagement vraagt om meer dan alleen reageren op incidenten. Voor grotere organisaties draait het om grip, schaalbaarheid en risicobeheersing. Aan de hand van vijf bouwstenen laten we zien hoe je reputatiemanagement structureel verankert in strategie, processen en organisatie.
In grotere organisaties staat het belang van reputatiemanagement meestal al vast. De uitdaging zit in de praktijk: hoe organiseer je monitoring, opvolging en besluitvorming zó dat ze consistent en betrouwbaar verlopen, ongeacht het aantal teams, merken of markten? Dat vraagt om duidelijke afspraken, vaste processen en gedeeld eigenaarschap. Wanneer iedereen werkt vanuit hetzelfde inzicht en dezelfde werkwijze, wordt reputatiemanagement beheersbaar én schaalbaar. Vanuit die basis vormen de volgende vijf bouwstenen de kern van een professionele aanpak.
1. Continu inzicht
Sterk reputatiemanagement begint met volledig en doorlopend zicht op alles wat er online over je organisatie wordt gezegd. Dat gaat verder dan je eigen social kanalen: ook nieuws, reviews, forums en andere online bronnen beïnvloeden hoe je merk wordt gezien. Door merkmonitoring centraal en geautomatiseerd in te richten, worden al deze signalen continu verzameld. Zo werk je altijd met een compleet en actueel beeld, ook bij grote volumes en complexe onderwerpen.
Dit inzicht komt samen in overzichtelijke dashboards waarin brand mentions, trends en ontwikkelingen continu worden bijgehouden. Door deze data te vertalen naar heldere rapportages krijgen teams en besluitvormers snel grip op concrete reputatierisico’s, zoals oplopende negatieve aandacht rond een merk, product, of onderwerp. Realtime alerts helpen om direct te schakelen bij onverwachte pieken in volume of sentimentverschuivingen.
Met EmotionAI voeg je extra diepgang toe aan die inzichten. EmotionAI detecteert sentiment op basis van een merknaam/productnaam en de context daaromheen. In plaats van alleen positief, negatief of neutraal sentiment, herkent EmotionAI 13 verschillende emoties, zoals trots, verwarring en teleurstelling. Daarnaast wordt de intensiteit van deze emoties gemeten in drie niveaus (laag, gemiddeld, hoog). Komen er meerdere emoties in één bericht voor, dan wordt dit opgemerkt. En ook sarcasme wordt herkend. Zo wordt zichtbaar wanneer waardering omslaat in teleurstelling, of wanneer frustratie toeneemt in intensiteit. Dat zijn cruciale signalen voor vroegtijdige risicodetectie.
2. Interne rolverdeling: governance en eigenaarschap
Reputatiemanagement raakt meerdere afdelingen en vraagt daarom om duidelijke governance. Door eigenaarschap expliciet vast te leggen, is helder wie verantwoordelijk is voor monitoring, wie opvolgt en wanneer er wordt geëscaleerd. Dat voorkomt vertraging, overlap of onduidelijkheid.
In de praktijk betekent dit nauwe samenwerking tussen bijvoorbeeld klantenservice en marketing- of communicatieteams. Wanneer teams werken vanuit één werkwijze en hetzelfde geautomatiseerde inzicht, worden signalen consistent opgepakt, ongeacht waar ze binnen de organisatie ontstaan.
Naast inzicht en rolverdeling zijn duidelijke protocollen onmisbaar. Door vooraf vast te leggen wanneer er wordt gereageerd, via welk kanaal en met welke tone of voice, ontstaat houvast op momenten dat sentiment plots omslaat en de druk toeneemt.
Onderbouwde besluitvorming vormt hierbij de basis. Wanneer keuzes worden genomen op basis van consistente, geautomatiseerde data, ontstaat rust en voorspelbaarheid in de aanpak. Dit verkleint reputatierisico’s en vergroot het vertrouwen binnen teams en bij stakeholders.
4. Zichtbaarheid & proactiviteit
Effectief reputatiemanagement draait niet (alleen) om reageren wanneer het nodig is. Door structureel te analyseren waar doelgroepen over praten en welke thema’s spelen, ontdek je kansen om proactief zichtbaar te zijn. Zo speel je gericht in op relevante ontwikkelingen en versterk je actief het merkimago.
5. Draagvlak: verankering in strategie en cultuur
Reputatiemanagement werkt pas echt wanneer het structureel wordt besproken op MT- of boardniveau en is verankerd in risicomanagement. Tegelijk vraagt het om bewustzijn binnen de organisatie, zodat medewerkers weten waarom reputatie telt en welke rol zij spelen. Zo wordt reputatiebescherming een gedeelde verantwoordelijkheid en geen losse taak.
Conclusie: grip op reputatie
Sterk online reputatiemanagement draait om het vroeg herkennen van risico’s en het onderbouwen van beslissingen. Dat vraagt om continu, geautomatiseerd inzicht, duidelijke governance en data die verder gaat dan positief of negatief sentiment.
EmotionAI verrijkt reputatiemonitoring met emotie, intensiteit en context, waardoor je:
omslaand sentiment en oplopende emoties eerder zichtbaar hebt
reputatierisico’s rond merken, producten en thema’s beter duidt
Met dashboards en rapporten in Report reputatieontwikkeling helder uitlegt aan MT, communicatie, marketing en HR
Zo maak je reputatie niet alleen meetbaar, maar ook verklaarbaar en stuurbaar. Ontdek hier hoe rijkere reputatie-inzichten helpen om risico’s eerder te signaleren en gerichter te handelen.
AI vertaalt commerciële propositie naar markttaal en maakt van externe ontwikkelingen een opvolgbaar signaal per account
Eindhoven, 27 januari 2026 Coosto introduceert Sales Signals. De oplossing speelt in op een bekend probleem in B2B-sales: er is veel informatie over klanten beschikbaar, maar het is lastig om daar consequent de juiste commerciële aanleiding uit te halen. Sales Signals kiest daarom een andere aanpak dan klassieke monitoring of generieke intent-dashboards. Het vertrekpunt is niet een set keywords of een algemene score, maar de commerciële propositie van de leverancier.
Sales Signals gebruikt AI om die propositie als samenhangend geheel te analyseren en te vertalen naar markttaal en selectielogica. Daarmee ontstaat een propositiegestuurd filter dat vooral veel weglaat. Alleen ontwikkelingen die aantoonbaar passen bij wat een organisatie verkoopt en die relevant zijn voor strategische accounts, blijven over.
“De vernieuwing zit in het startpunt. We laten AI niet zoeken naar alles wat genoemd wordt. We laten AI begrijpen wat een organisatie verkoopt en daarop extreem selectief filteren. Wat overblijft is een signaal dat een accountteam direct kan omzetten naar actie en dat past bij de commerciële realiteit van strategische accounts,” zegt Toine Verheul, CEO van Coosto.
De lancering speelt in op een bredere ontwikkeling binnen revenue teams. Accountresearch is vaak nog een mix van losse bronnen en individuele routines. Tegelijk zijn intent- en ABM-tools voor veel organisaties breed inzetbaar, maar niet altijd scherp genoeg afgestemd op de eigen propositie. Coosto positioneert Sales Signals als propositiegestuurde commerciële signalering: een categorie die externe ontwikkelingen structureel terugbrengt tot een concrete aanleiding per account.
In de praktijk betekent dit dat signalen worden gepresenteerd als directe aanleiding voor een volgende stap, zoals behoud, verlenging of uitbouw. Coosto benadrukt dat het systeem is ingericht op precisie en niet op volume. Het doel is dat accountteams niet verdrinken in meldingen, maar sneller herkennen wanneer een gesprek strategisch of tactisch nodig is.
Ontdek in real-time hoe klanten jouw merk ervaren — van klachten tot complimenten. Monitor de sentimenten in online berichten en reviews, en reageer proactief om je reputatie te beschermen en te versterken.