Neem me eens mee naar die periode bij NIMA. Waarom besloot je te stoppen met het doceren van marketing?
“Met het klassieke model van marketing probeer je je anders voor te doen dan wie je eigenlijk bent. En dat irriteert mensen. In de jaren 80 kon je nog een positionering en imago kiezen. Denk bijvoorbeeld aan Heineken, dat in twee jaar tijd veranderde van een biertje voor de bouwvakker naar een biertje voor de directeur. Dat is vandaag de dag echt onmogelijk, zeker in de B2B-markt. De wereld is namelijk transparant.
"In de jaren 80 kon je nog een positionering en imago kiezen. Dat is vandaag de dag echt onmogelijk, zeker in de B2B-markt."
Ik kwam laatst een mooie quote tegen die het eigenlijk perfect verwoordt: als je ergens een vernislaagje op spuit, dan willen mensen het eraf krabben. Omdat er nog niet met die gedachte werd lesgegeven, ben ik ermee gestopt. Zo’n twee à drie jaar later werd ik benaderd door Noordhoff. Of ik een schoolboek voor het hbo wilde schrijven over contentmarketing. Hoewel ik daar destijds geen tijd voor had, was de manier waarop dat ging wel treffend. Ze hadden onderzoek gedaan bij docenten, en gevraagd welke onderwerpen werden gemist in de lesstof. Toen ze vervolgens gingen Googelen naar die onderwerpen, kwamen ze bij mij uit.
Precies hoe inbound marketing werkt.”
Wat is nou eigenlijk de kern van inbound marketing?
“Je kunt inbound marketing het beste zien als een filosofie, een denkwijze: het niet willen onderbreken of irriteren van je potentiële klant. De focus ligt echt op het aantrekken van je doelgroep, in plaats van het zenden van je boodschappen. Je gaat kennis over je vakgebied gratis delen op je website, en geeft in je blogs of artikelen antwoord op vragen die je doelgroep aan Google stelt. Via die route belanden mensen vervolgens op je website, waardoor ze kennismaken met je expertise én – uiteindelijk – je diensten of producten.
Een directeur van een reclamebureau wist het mooi te verwoorden: je moet mensen niet onderbreken bij wat ze interessant vinden, maar je moet zíjn wat ze interessant vinden. En toch vinden wij marketeers het belangrijk om mensen te onderbreken. Heel gek, want we vinden het zelf ook irritant. Niemand zit namelijk te wachten op een pop-up commercial terwijl je een artikel leest. Het is een modus: ik ben marketeer, dus ik communiceer via reclame. Terwijl we in een tijd leven dat je via andere middelen gewoon gratis kunt communiceren. Op niet irritante manieren.”
Ik ben een content marketeer. Jij bent een inbound marketeer. Allebei stellen we het delen van kennis centraal in onze strategie, met als doel mensen écht op weg te helpen. Waar zit het verschil?
“Die vraag krijg ik vaker. Het woord content marketing is populairder dan inbound marketing, omdat je dat overal op kunt plakken. Reclamebureaus heten tegenwoordig contentbureaus. Ze blijven gewoon doorgaan met campagnes maken en producten pushen, maar dat heet dan ineens content. Inbound marketing beperkt zich tot online, en de focus ligt echt op het aantrekken.
"Reclamebureaus heten tegenwoordig contentbureaus, maar blijven gewoon doorgaan met campagnes maken."
Als je een blog plaatst op je website, dan zeggen veel mensen vaak: ‘je moet het wel nog delen, anders leest niemand het’. Maar dat is niet waar. Google vindt en indexeert het, en de meeste mensen komen via die route op je content terecht. Marketeers zitten nu nog in de zendmodus: ‘ik bepaal hoe de markt mijn content ziet’. Ze zijn vaak helemaal niet bezig met bezoekers die op de website komen omdat ze iets hebben ingetypt bij Google. Daar zit denk ik het grote verschil.”
Wanneer besloot je dat MCB aan de slag moest met inbound marketing?
“Er kwam een moment dat we doorhadden dat onze klanten niet meer zaten te wachten op reclame. Toen besloten we onderzoek te doen, waardoor we vervolgens zagen dat heel veel klanten bij Google beginnen als ze meer willen weten over (nieuwe) producten of toepassingen. Toen kwam eigenlijk het besef: waarom betalen we nog voor advertenties die niemand wil zien als we ook gratis onze kennis kunnen delen? In 2012 zijn we met dat inzicht in het achterhoofd begonnen met inbound marketing, als een van de eersten in Nederland. In het begin was het vooral belangrijk om de interne organisatie bewust te maken van het belang van transparantie en het delen van kennis. Vooral dat laatste wordt nog te vaak als een bedreiging gezien namelijk.”
Dat is inderdaad wat ik vaker hoor. “Ja, als we onze kennis gaan delen, dan leest de concurrent ook mee!”
“Jan Willem Alphenaar (trendwatcher en keynote speaker, red.) zei het op een mooie manier: “De concurrent leest mee, dat klopt. Maar de klanten van die concurrenten lezen ook mee.” Het is belangrijk te focussen op de kansen die transparantie biedt, in plaats van de bedreigingen. Je ziet vaak dat als de zogenaamde ramen opengaan bij bedrijven, mensen meer bezig zijn met de vieze luchtjes die naar buiten gaan dan met alle frisse lucht die naar binnen komt.
Bij MCB moest die mindset over transparantie ook groeien. Als er werd overwogen iets online te zetten, dan hoorden we soms een tegengeluid: ‘Als we dit online zetten, dan kan het zo zijn dat die ene persoon er negatief op reageert. Dus doe maar niet.’ Dat is bij veel bedrijven nog steeds een beetje. De modus is ‘niet publiceren, tenzij’. Bij ons is het nu: ‘publiceren, tenzij’. Alles wat we online delen wordt geaccepteerd, en veel collega’s zien LinkedIn bijvoorbeeld als onderdeel van hun werk.
"Bij ons is de modus nu: 'publiceren, tenzij'. Alles wat we online delen wordt geaccepteerd, en veel collega's zien LinkedIn bijvoorbeeld als onderdeel van hun werk."
Daarnaast krijg ik als parttime zelfstandige de kans om bij andere bedrijven een kijkje in de keuken te nemen. Opvallend genoeg kom ik daar nog veel weerstanden tegen. Als de directie het wil, dan wil marketing het niet. En als marketing het wil, dan wil de directie het niet. De laatste tijd merk ik steeds vaker dat managers het wel snappen, maar dat corporate communicatie het weer tegenhoudt. Die afdeling heeft altijd een beetje de macht gehad over wat er gecommuniceerd werd. Tegenwoordig heb je die macht niet meer. Anno 2018 zijn je collega’s de woordvoerders. Zie dat als een kans en geef ze vooral het vertrouwen dat ze dat goed kunnen, in plaats van alles willen beheersen wat er buiten gebeurt. Geef ze handvatten, en help ze om dingen te delen.”
Hoe ziet jullie inbound marketing strategie eruit bij MCB?
“Met marketing doen we wel nog af en toe campagnes, maar in het algemeen richten we ons niet alleen maar direct op de buitenwereld. De focus ligt hier op onze medewerkers. Zij worden echt op een voetstuk gezet, waardoor we de markt naar ons toe trekken.
Neem bijvoorbeeld mijn collega die alles weet van titanium. We kijken samen wat voor vragen er veel worden gesteld over titanium, en die vragen gaan we beantwoorden. Elke vraag wordt vervolgens een los artikel. We kunnen natuurlijk ook een abstract en zakelijk verhaal vertellen vanuit het bedrijf, over hoe geweldig we zijn en hoe geweldig ons titanium is. Maar toch werkt het beter als je de mensen erachter laat zien. Zulke content doet het veel beter. Hij krijgt nu ook veel meer telefoontjes van potentiële klanten.”
Zijn jullie bij MCB daarom ook meer bezig zijn met de content op de website, en minder het publiceren van content op social media?
“Ja, dat is voor ons minder belangrijk. Ik gebruik vaak het voorbeeld: stel dat ik vandaag een miljoen blogs op mijn website zet. En ik vertel het tegen niemand. Dan heb ik morgen 1000 nieuwe klanten. Die mensen zijn via Google gekomen, hebben daar iets ingetypt, landen op een van mijn antwoorden en denken: hé das interessant. En gaan dan bellen. In dat geval heb ik niks op social media gezet en niemand geïrriteerd met mijn content.
Ik kreeg laatst een verzoek van een collega, die voor de grap vroeg of we bepaalde content offline konden halen omdat hij zoveel gebeld werd. Dat is content die we ooit eens hebben geplaatst, maar nog elke dag mensen aantrekt. En dat is dus precies de bedoeling van inbound marketing.”
Toch is inbound marketing helemaal niet vanzelfsprekend voor veel bedrijven. Hoe kan het dat dit zo’n groot succes is bij MCB?
“Onze medewerkers maken het zo’n succes. Het is jammer dat veel bedrijven de medewerkers nog verstoppen achter het merk, het kan namelijk zoveel opleveren. Denk bijvoorbeeld aan het aantrekken van nieuwe medewerkers. In mijn 25-jarige carrière heb ik nog nooit zoveel samengewerkt met HR als nu. Ze hebben een vacature, bijvoorbeeld voor chauffeur. Dan maken we een filmpje waarin we een van onze chauffeurs interviewen. Niks wordt gescript: we laten gewoon een chauffeur vertellen hoe het is om te werken bij MCB.
Binnen no-time was het filmpje opgenomen en klaar. Het is authentiek en komt heel oprecht en betrouwbaar over. Als we dit delen met een vacature, hebben we binnen een week 10 nieuwe chauffeurs. Terwijl er in Nederland op dit moment een tekort aan chauffeurs is.”
Waar meten jullie bij MCB het succes van inbound marketing aan af?
“Het levert veel op, juist ook minder tastbare zaken. Denk bijvoorbeeld aan trots. Ons format ‘Klant in beeld’ geeft dat goed weer. Klanten zijn vaak tevreden, wat leuk is voor collega’s om te lezen. Inbound marketing levert bij ons zo ook een grote bijdrage aan een stuk interne communicatie. Ik heb een keer meegemaakt dat ik een collega van de aluminium-afdeling interviewde. Hij zei: ‘Ik heb een blog gelezen waarbij je iemand van de staal-afdeling interviewde over een project in Noorwegen. Het is niet te geloven, maar wij leveren daar het aluminium!’. Ze wisten dus niet van elkaar dat ze beiden een bijdrage hadden geleverd aan datzelfde project. Dat wat we als MCB doen in binnen- en buitenland wordt inbound marketing een belangrijk deel van de interne communicatie.
"Inbound marketing levert bij ons ook een grote bijdrage aan een stuk interne communicatie."
De aanwas van nieuwe medewerkers is natuurlijk ook een belangrijke graadmeter van ons inbound marketing succes. HR gaf het zelf aan: sinds we zijn begonnen met deze aanpak, krijgen we vier keer zoveel reacties op vacatures als voorheen. In één van mijn introductiebijeenkomsten over marketing was een nieuwe verkoper aanwezig. Hij zei: ‘Ik las het interview met verkoper Rick, en na het lezen van dat interview wist ik dat ik bij MCB wilde werken’.”
Wat voor advies heb je voor bedrijven die nog helemaal nieuw zijn binnen inbound marketing?
“Als ik andere bedrijven adviseer, dan begin ik altijd met spiegelen. Hoe ga je zelf op zoek naar producten? Spoel je commercials door? Ja, dat doet iedereen. Gebruik je een adblocker? De meesten wel. Zit je in het Bel-me-niet-register? Bijna iedereen. Waarom zou je nog geloven in cold calling als je zelf in het Bel-me-niet-register zit? Heb je laatst nog een duur product gekocht? Ja? Ben je dan naar de winkel gegaan om het aan de verkoper te vragen, of ben je bij Google begonnen? Meestal bij Google. En precies dát doen klanten ook. Zo’n spiegel is een manier van overtuigen die helpt, vooral omdat je in het begin nog geen bewijzen hebt dat het werkt.
Vervolgens is het zaak om te beginnen bij de mensen die positief en gemotiveerd zijn. Die denkfout maakte ik zelf in het begin: ik wilde iedereen tegelijk overtuigen. Roos van Vugt (momenteel social media manager a.i. bij NOS, red.) gaf toen de tip om me juist te richten op de hardlopers, de mensen die er klaar voor zijn. Dat doe ik nu dus ook altijd. Neem bijvoorbeeld mijn LinkedIn-workshops binnen MCB. Collega’s die er klaar voor zijn, kunnen de workshop bijwonen. Maar ik ga geen verkopers verplichten om het bij te wonen. Ik wacht tot ze er klaar voor zijn, en geef ze dan de tools.”
Wat zijn de doelen en ambities binnen MCB voor de komende jaren?
“Mijn doel is uiteindelijk om alle medewerkers op een podium te krijgen. Ik wil eigenlijk dat ze allemaal beroemd worden in hun markt. Mensen moeten gaan merken dat hun artikelen veel worden gelezen, dat er op wordt gereageerd en dat er complimenten binnenstromen. Met als resultaat dat ze dus steeds vaker bij marketing aankloppen omdat ze content willen maken. Dat gaat stapje voor stapje.
Er is een gezegde dat gaat: ‘Het duurt 7 seconden om een idee naar de andere kant van de wereld te krijgen, en dan nog 7 jaar voordat dat laatste stukje bij iemand in de hersenpan landt’. Dat is herkenbaar. Het kost gewoon heel veel tijd om mensen te veranderen. Je kunt wel eenmalig een overtuigend verhaal vertellen, maar zodra mensen weer achter hun computer kruipen, doen ze weer precies hetzelfde als gisteren. Mensen moeten er toch aan gewend raken om inbound marketing een onderdeel te maken van het dagelijks werk. Toch merk ik dat ik die 7 jaar nu zelf aan het overbruggen ben. Laatst kwam een collega aanzetten met 5 blogs waar ik niet om gevraagd had.
Dat is precies waar ik naartoe wil.”
Het einde van 2018 komt langzaam maar zeker in zicht. Waar gaat inbound marketing naartoe in 2019?
“Het netwerkmodel van Marco Derksen (oprichter van Marketingfacts en Upstream, red.) laat de toekomst eigenlijk perfect zien. Hij schetst drie fasen. De eerste fase is een instituut dat zendt naar de markt. In de tweede fase, waarin we ons nu bevinden, zitten mensen en instituten dicht op elkaar. In het begin van deze fase stuurde je KLM een tweet, waarop je vervolgens antwoord kreeg. Iets wat voor die tijd heel bijzonder was. We zitten inmiddels al heel ver in die fase, misschien zelfs bijna de fase voorbij.
"Ik ben ervan overtuigd dat de kracht van marketing zit in de medewerker. Collega's zijn de grootste magneet."
De laatste fase is één grote soep waar iedereen in zit. Bedrijven en instituten doen er niet meer toe, het draait alleen nog om de mens en wat die is en weet. Daar gaan we echt naartoe, zowel de B2B als de B2C -markt. Neem Tony’s Chocolonely bijvoorbeeld. Marktleider op het gebied van chocolade, zonder ooit reclame te hebben gemaakt. Tony’s Chocolonely zet medewerkers voorop en laat zien wat er achter de schermen gebeurt. Ze zijn heel open en transparant. Ook de consumentenmarkt gaat die kant op.
Ik ben ervan overtuigd dat de kracht van marketing zit in de medewerker. Collega’s zijn de grootste magneet. Mijn doel is om het vakgebied marketing én de mensen eromheen daarvan te overtuigen. Zeker de commerciële kant, de verkopers. Er zit namelijk vaak zoveel kennis tussen hun oren: dat trekt online heel veel nieuwe klanten aan. Dus zorg ervoor dat het online komt.
Een ding is zeker: er zijn nog veel stappen te zetten voor veel bedrijven. Het goede nieuws?
Eindhoven, 15 januari 2026. Coosto lanceert EmotionAI. Met deze nieuwe module meten organisaties reputatie niet langer als één sentimentscore, maar als een emotieprofiel dat laat zien welke emoties leven, hoe intens ze worden geuit en hoe dat door de tijd verschuift. Daarmee krijgen teams eerder zicht op kantelpunten in het gesprek en meer houvast voor duiding en actie.
EmotionAI is ontwikkeld als volgende generatie reputatiemetingen. In plaats van alleen positief, negatief of neutraal maakt EmotionAI zichtbaar welke emoties een merk, onderwerp of organisatie oproept, waaronder frustratie, woede, bezorgdheid, waardering, blijdschap en sarcasme. Naast het herkennen van emotie brengt EmotionAI ook intensiteit in kaart in meerdere niveaus. Zo wordt zichtbaar wanneer toon en lading verzwaren en wanneer een discussie kan kantelen.
Toine Verheul, CEO van Coosto: “Rondom sentiment is al jaren discussie over nuance en precisie. Met EmotionAI zetten we een nieuwe stap: reputatie wordt zichtbaar als emotieprofiel met intensiteit en ondertoon. Dit geeft teams een scherper instrument om gesprekken te begrijpen en sneller te handelen.”
Van meting naar uitleg en actie
EmotionAI is bedoeld voor teams die reputatie doorlopend willen begrijpen en onderbouwen. De module combineert emotieherkenning met context op merk en productnamen en maakt de uitkomsten direct bruikbaar in dashboards en rapportages. Daarmee wordt het eenvoudiger om intern uit te leggen wat er gebeurt, waarom het gebeurt en welke ontwikkelingen aandacht vragen.
Over Coosto
Coosto is een toonaangevend SaaS platform dat organisaties helpt om autoriteit op te bouwen en reputatie te versterken. Teams gebruiken Coosto om publieke online signalen uit nieuws en social media samen te brengen, inzichtelijk te maken en te duiden, zodat zij daar consistent en effectief op kunnen communiceren en interacteren.
Analyse van 325.587 publieke berichten laat groei van woede en intensiteit zien.
Eindhoven, 7 januari 2026
De jaarwisseling leidt elk jaar tot veel publieke discussie over veiligheid, overlast en handhaving. Coosto analyseerde 325.587 publieke berichten uit sociale en online media met het woord vuurwerk in de periode 22 december tot en met 5 januari. In totaal kregen 310.428 berichten een emotielabel. 15.159 berichten vielen in de categorie neutraal.
De data laat zien dat de verharding al vóór de jaarwisseling zichtbaar werd. Frustratie blijft in alle periodes de grootste emotie. Tegelijk groeit woede en neemt het aandeel hoge intensiteit binnen woede periode op periode toe. Daarmee kantelt het gesprek van irritatie naar verwijt.
“Je ziet het gesprek in korte tijd verschuiven. Frustratie blijft breed aanwezig maar woede neemt toe en wordt extremer richting en na de jaarwisseling.” zegt Toine Verheul, CEO van Coosto.
Wat opvalt in drie fases
In de dagen voor oud en nieuw domineren frustratie en bezorgdheid
Rond de jaarwisseling piekt angst kort en scherp
Na 1 januari groeit woede relatief door en teleurstelling neemt toe terwijl sarcasme hoog blijft
Vroeg signaal van verharding
De verschuiving is meetbaar in de aanloop naar oud en nieuw. Het aandeel berichten zonder emotielabel daalt sterk terwijl het aandeel hoge intensiteit stijgt richting de jaarwisseling en daarna doorzet.
Aandeel Geen emotie in totaal:
22 december tot en met 29 december: 8,0%
30 december tot en met 1 januari: 3,4%
2 januari tot en met 5 januari: 2,2%
Aandeel hoge intensiteit binnen alle emotiegelabelde berichten:
22 december tot en met 29 december: 32,8%
30 december tot en met 1 januari: 33,5%
2 januari tot en met 5 januari: 35,9%
Van frustratie naar woede
Frustratie blijft de grootste emotie in alle periodes. Het aandeel frustratie blijft stabiel rond een kwart van alle emotiegelabelde berichten. Woede groeit wel door en wordt extremer.
Aandeel woede binnen alle emotiegelabelde berichten:
22 december tot en met 29 december: 14,0%
30 december tot en met 1 januari: 15,3%
2 januari tot en met 5 januari: 18,1%
Aandeel hoge intensiteit binnen woede:
22 december tot en met 29 december: 58,3%
30 december tot en met 1 januari: 62,5%
2 januari tot en met 5 januari: 65,5%
Samen nemen frustratie en woede toe als aandeel van alle emotiegelabelde berichten:
22 december tot en met 29 december: 40,1%
30 december tot en met 1 januari: 40,7%
2 januari tot en met 5 januari: 45,2%
Angst rond de jaarwisseling
Angst piekt rond de jaarwisseling en blijft ook in de dagen erna relatief hoog op intensiteit.
Aandeel hoge intensiteit binnen angst:
22 december tot en met 29 december: 6,9%
30 december tot en met 1 januari: 33,6%
2 januari tot en met 5 januari: 31,7%
Lokale verschillen
Dezelfde analyse is ook uitgevoerd op gemeenteniveau. Daarin zijn duidelijke lokale verschillen zichtbaar in intensiteit en emotieverdeling. Die uitsplitsing wordt in dit persbericht niet gepubliceerd.
Onderzoek en methode
De analyse is uitgevoerd met Coosto EmotionAI. EmotionAI herkent verschillende emoties in tekst en onderscheidt intensiteitsniveaus. Daarmee wordt zichtbaar hoe emotieverdeling en intensiteit zich ontwikkelen over tijd binnen de gekozen periode. Resultaten worden uitsluitend op geaggregeerd niveau gerapporteerd.
Context 2026
De Wet veilige jaarwisseling regelt een landelijk vuurwerkverbod voor consumenten. De beoogde start ligt bij de jaarwisseling 2026 naar 2027.
Disclaimer
Dit onderzoek is gebaseerd op publieke berichten met het woord vuurwerk in de periode 22 december tot en met 5 januari. De uitkomsten laten verdeling van emoties en verandering in intensiteit over tijd zien binnen deze dataset. Het onderzoek doet geen uitspraak over oorzaken en is geen voorspelling. De analyse bevat geen herleidbare informatie.
Informatie-overload vertraagt besluitvorming, vergroot werkdruk en laat cruciale sectorinzichten ongezien. De oplossing? Alléén hyperrelevante updates uit jouw sector, rechtstreeks in je inbox, zonder ruis of handmatig zoekwerk. Zo benut je kennis direct en bouw je structureel aan een blijvende kennisvoorsprong.
De échte kosten van informatieversnippering
Informatiefragmentatie kost organisaties iedere dag tijd, geld en focus. Nederlandse kenniswerkers zijn jaarlijks gemiddeld 520 uur kwijt aan het zoeken naar relevante informatie. Dat vertaalt zich in een kostenpost van €12.255 per kenniswerker per jaar.
Tegelijkertijd ervaart 80% van werknemers dagelijks informatie-overload. Cruciale signalen worden gemist, besluitvorming vertraagt en de werkdruk neemt toe. Organisaties verliezen niet alleen productiviteit maar ook hun strategische voorsprong.
29% gebruikt 11+ apps, tools en bronnen per dag en voelt zich overweldigd, omdat informatie verder versnipperd raakt over mailboxen, applicaties en nieuwsbrieven
De gevolgen zijn duidelijk: signalen gaan verloren, besluitvorming vertraagt en teams werken inefficiënt. Kennis die aanwezig is, wordt niet optimaal benut, waardoor het lastiger wordt om een duurzame kennisvoorsprong te realiseren.
Kortom, wanneer structuur en consistentie ontbreken, kan dat de ontwikkeling van kennis vertragen.
Van ruis naar relevante kennis voor elke afdeling
Een geautomatiseerde nieuwsbrief verandert informatie-overload in overzicht en impact. Alleen hyperrelevante content bereikt de juiste teams, waardoor dubbel werk en ruis verdwijnen. Met deze aanpak besparen kenniswerkers tot 70 - 80% van hun zoektijd en verhogen organisaties de productiviteit van hun teams met 20 - 25% (McKinsey).
Door gerichte distributie per afdeling of beleidsdomein ontstaat beter georganiseerde interne communicatie. Teams ontvangen alleen de informatie die daadwerkelijk bijdraagt aan besluitvorming en kennisopbouw.
Een herkenbare situatie binnen overheidsorganisaties:
Wie bij een overheidsinstelling werkt, herkent het patroon: informatie komt van alle kanten binnen, maar het overzicht ontbreekt. Je houdt zelf nieuwsmedia, Kamerbrieven, wetswijzigingen, consultaties, maatschappelijke discussies en interne kanalen bij, terwijl je niet altijd weet of collega-teams dat ook doen. Daardoor blijven belangrijke signalen soms ongezien liggen, en worden beleids- of communicatiekeuzes gemaakt zonder dat alle relevante inzichten op tafel liggen. Niet uit onwil, maar door de voortdurende fragmentatie van kennis.
Hetzelfde geldt voor teams in de zorg, het onderwijs en vrijwel elke andere sector waar informatie óók versnipperd binnenkomt en kennis snel veroudert. Wanneer relevante signalen echter op een consistente manier worden samengebracht en alleen terechtkomen bij de teams die ze nodig hebben, ontstaat vanzelf meer rust en overzicht.
Wat deze aanpak écht onderscheidend maakt, is dat de informatievoorziening specifiek wordt ingericht voor verschillende afdelingen of beleidsdomeinen binnen de organisatie. Wat relevant is voor het communicatieteam, hoeft bijvoorbeeld niet hetzelfde te zijn als voor het beleids- of juridische team. Door updates per afdeling op maat te leveren, worden signalen precies bij de juiste mensen gebracht, groeit het overzicht en kan kennis écht effectief en strategisch worden benut. Dit is de kracht van gerichte, hyperrelevante informatiedeling.
Het effect is merkbaar in de hele organisatie: minder stress, meer focus en een duidelijke versterking van de kennispositie. Net zo belangrijk: kenniswerkers ervaren minder werkdruk omdat zij niet langer zelf hoeven te filteren, zoeken en interpreteren.
De eerste stap naar jouw kennisvoorsprong
Informatie-overload hoeft geen dagelijkse realiteit te zijn. Laat een moderne kennisaanpak voor jou werken: dankzij AI-curatie op basis van relevantie én semantische filtering komt alleen de informatie die nodig is bij de juiste teams en afdelingen terecht. Tijdbesparing omhoog, werkdruk omlaag, dus. Zo voorkom je informatie-overload en bouw je structureel aan een blijvende kennisvoorsprong.
Ben je benieuwd geworden naar Inform? In onze brochurelees je meer over de voordelen.
The marketing tool voor content & social media
Ontdek in real-time hoe klanten jouw merk ervaren — van klachten tot complimenten. Monitor de sentimenten in online berichten en reviews, en reageer proactief om je reputatie te beschermen en te versterken.